Ga verder naar de inhoud

HydroSoilWise

Verbeteren van het watermanagement en de bodemgezondheid in de landbouw voor een klimaatbewuste omgeving.

Context

Het noordwesten van Europa kent een lange geschiedenis van intensieve tuin- en landbouw. Frequent ploegen, monocultuur en het gebruik van kunstmest heeft geleid tot een lage gehaltes aan organische stof in de bodem (SOM) van 0-2%. 

Een laag SOM-gehalte resulteert in: 

  1. verminderde sponscapaciteit van de bodem, wat het watervasthoudend vermogen van de bodem beperkt en wat leidt tot droogtestress voor gewassen;
  2. slechte waterinfiltratie, waardoor het risico op erosie en overstromingen tijdens hevige regenval toeneemt. 

Nu droogte en extreme regenval in het noordwesten van Europa door de klimaatverandering toenemen, vormen deze problemen een belangrijke bedreiging voor de gewasopbrengsten, de voedselzekerheid en het overstromingsbeheer.

Het opzet en doel

Het Interreg North-West Europe (NWE) project HydroSoilWise pakt deze uitdagingen aan via 3 doelen: 

  1. vergroten van de bodemsponscapaciteit en -waterinfiltratie door verhoging van het SOM-gehalte;
  2. verminderen van erosie;
  3. efficiënter watergebruik (WUE) door slimme irrigatie- en waterbeheerpraktijken.

Samen met de 11 partners uit België, Nederland, Frankrijk en Duitsland zal de Bodemkundige Dienst van België verschillende technieken gericht op SOM-opbouw, erosievermindering en optimalisatie van het watergebruik samenbrengen in een innovatieve, gebruiksvriendelijke online toolbox voor telers en landbouwers. Die kennis zal zowel uit de literatuur als uit de praktijk worden gehaald. 

Deze technieken zullen worden geoptimaliseerd voor en gedemonstreerd in 4 droogtegevoelige focusgewassen onder verschillende bodem- en klimaatomstandigheden in NWE (1-jarige groenten in rotatie, aardappel, fruitteelt en sierbomen). De opgedane kennis zal ook gebruikt worden om de toolbox te optimaliseren. Door middel van een theoretische cursus en demomomenten zullen de technieken en de toolbox worden verspreid onder telers en boeren om de toepassing van best practices op grote schaal te bevorderen.

Tussentijds rapport: Desktop-enquête en literatuurstudie

Dit project zal land- en tuinbouwers gemakkelijk toegankelijke kennis aanbieden in de vorm van een innovatieve toolbox om de toepassing van duurzame praktijken te stimuleren. Om de toolbox te ontwikkelen, zijn zowel een literatuuronderzoek als een enquête onder land- en tuinbouwers uitgevoerd om informatie te verzamelen over mogelijke technieken die deze uitdagingen kunnen aanpakken, resulterend in een combinatie van onderzoek gebaseerde kennis en praktijkervaringen.  

Er werd een database ontwikkeld met de geraadpleegde literatuur, waarbij per wetenschappelijk artikel telkens een korte samenvatting op het vlak van gewastype, bodemtype en de waargenomen effecten van de technieken op opbrengst, plant- en bodemkwaliteit, opgelijst werd. Deze database vormt de basis voor de technische datasheets van de toolbox.

De enquête onder land- en tuinbouwers over de toegepaste praktijken en werkwijzen heeft geholpen om de huidige stand van zaken met betrekking tot het gebruik ervan en de kennis van de land- en tuinbouwers in kaart te brengen. Uit deze enquête kwamen ook knelpunten bij de toepassing van de technieken naar voor. 

Op deze manier zal de toolbox afgestemd worden op de behoeften van land- en tuinbouwers bij het aanpakken van de genoemde uitdagingen. De resultaten van de enquête zijn samengevat in een rapport.

Peren vdv

Langdurig irrigatieonderzoek in de perenboomgaard

In de perenboomgaard van Van der Velpen wordt onderzocht welke invloed irrigatie heeft op de bloemvorming en de productie van peren. De boomgaard vormt een interessante proefomgeving omdat er natuurlijke verschillen aanwezig zijn, zowel tussen de bomen als in de bodem.  

De perenbomen verschillen onderling in ouderdom en snoeivorm. Hierdoor kunnen ook hun groei en waterbehoefte verschillen. Daarnaast is er variatie in de bodem: sommige delen van de boomgaard hebben een zwaardere, lemigere bodem, terwijl andere delen meer zand bevatten. Deze verschillen in bodemtextuur hebben een invloed op de waterhuishouding en op de hoeveelheid water die beschikbaar is voor de bomen.

Door deze natuurlijke variatie in kaart te brengen en de verschillende delen van de boomgaard op eenzelfde manier te irrigeren, kunnen we beter begrijpen hoe bomen en bodem reageren op de toegediende hoeveelheid water. Op basis van deze resultaten kan de irrigatie verder worden geoptimaliseerd.

Opvolging van bodem en irrigatie

De Bodemkundige Dienst van België (BDB) volgt gedurende het groeiseizoen de bodem en de irrigatie nauwkeurig op. Van april tot september worden op regelmatige tijdstippen bodemstalen genomen, waarvan het vochtgehalte wordt bepaald. Daarnaast wordt het bodemvocht continu gemeten met sensoren die permanent in de bodem zijn geplaatst.

De irrigatiedosis wordt door BDB bepaald met behulp van een bodemwaterbalansmodel. Dit model wordt gekalibreerd aan de hand van de bodemvochtmetingen en geeft aan wanneer en hoeveel water er moet worden toegediend.

Ook de bomen worden opgevolgd

Naast de bodem wordt ook de reactie van de bomen nauwkeurig gemonitord. UGent volgt de sapstroom in de bomen op om inzicht te krijgen in de wateropname en verdamping. Daarnaast worden regelmatig drukbommetingen uitgevoerd om de waterpotentiaal van de bomen te bepalen. Zo kan worden nagegaan in welke mate de bomen droogtestress ondervinden.

Ook de ontwikkeling van de bloesems en het fruit wordt gedurende het seizoen aan de hand van tellingen opgevolgd. Aan het einde van het seizoen wordt op de geselecteerde bomen een proefoogst uitgevoerd. De geoogste peren worden vervolgens onder andere geclassificeerd volgens hun grootte.

Een experiment over meerdere jaren

Droogtestress kan niet alleen gevolgen hebben voor de productie in het huidige seizoen, maar ook voor de bloemvorming en productie in de daaropvolgende jaren. Daarom wordt de boomgaard gedurende vier jaar opgevolgd.

Door de resultaten van verschillende groeiseizoenen met elkaar te vergelijken, kunnen zowel de directe als de langetermijneffecten van irrigatie op de groei, bloemvorming en productie van peren in kaart worden gebracht. Zo draagt dit onderzoek bij aan een duurzamere en beter afgestemde irrigatie in de perenteelt.
 

Logos INTERREG

Projectpartners: Viaverda, Universiteit Gent, Bodemkundige Dienst van België, Boerenbond, Astredhor, Planete LFP, Verexal, Delphy, Treeport, Universität Kassel, Hochschule Geisenheim University, FRC Randwijk

Financiering: European Union - Interreg North-West Europe programme

Projectduur: 1/12/2024 – 10/12/2028